| Hoop en verlangen
Ook al zijn wij allen sterfelijk, zijn we ons daar een weinig van bewust. We kennen hoop voor de toekomst en verlangen daarbij naar de mensen met wie we dat kunnen realiseren. We stellen wegen vast, zetten ons in met alle mogelijkheden die in ons besloten liggen en verwachten er niet anders van dan het goede. Realisme is ons niet vreemd: het hoeft niet meteen morgen al… Op de lange duur echter zien we onszelf graag beloond worden voor onze inspanningen en gedane investeringen. We wensen de ander - en onszelf - een lang leven toe in voorspoed en in geluk.
We maken plannen voor de volgende week en spreken af voor een datum in een volgende maand. We verhalen – als een vanzelfsprekendheid – in meervoudsvorm. Ook nog wanneer we te maken krijgen met ziekte. We gaan uit van herstel en hopen op uitstel…
Hoe wreed en hoe murw is het wanneer we te maken krijgen met een overlijden.
Wat zojuist nog zo ´gewoon´ leek wordt volledig onderbroken. We worden geconfronteerd met de eindigheid van het leven en worden geplaatst voor toekomstperspectieven die we theoretisch wel wisten maar waaraan weinigen daadwerkelijk op eenzelfde moment ook toe zijn.
Hoe hebben we kunnen weten van een toekomst die we nooit eerder kenden?
|